LOB bijdrage raadsvergadering 5 september 2006, agendapunt 08 Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO)
:
Wet
Maatschappelijke Ondersteuning: visievorming en concept Verordening
voorzieningen WMO
Mevrouw de voorzitter,
De fractie van LOB wil graag haar waardering uitspreken voor de wijze waarop de ambtelijke organisatie dit bijzonder lastige en maatschappelijk belangrijke thema aan het voorbereiden is. Wij herkennen en erkennen het maatschappelijke bewustzijn waarmee de medewerkers van dit cluster dit onderwerp benaderen. De informatieavonden eind juni en begin juli, alsmede het technisch beraad van 29 augustus jl heeft ons geholpen bij onze besprekingen.
Wij realiseren ons dat tijdsdruk een enorme rol speelt in het hele voorbereidingsproces. Toch zijn wij van mening dat tijdsdruk ons er niet van mag weerhouden om in alle openheid met elkaar discussies te houden en tot een afgewogen oordeel te komen.
Wij zijn daarom van mening dat de mededeling, gedaan tijdens het technisch beraad van 29 augustus jl , dat de aanbestedingsprocedure al in gang is gezet, niet past in dit zorgvuldige proces van voorbereidingen. U heeft de raad om haar mening gevraagd over een aantal elementen die deel moeten uitmaken van de specificaties (het bestek) als onderdeel van de aanbestedingsprocedure. Terwijl wij daarover met elkaar in gesprek zijn, deelt u ons mee dat u de aanbestedingsprocedure al heeft gestart. Wij betreuren deze gang van zaken; ons onmiddellijk realiserend dat tijdsdruk hierbij een rol heeft gespeeld.
In dit verband willen wij u herinneren aan het feit dat dit de tweede maal is, dat wij tijdens het WMO proces worden verrast. De eerste maal ging dit over het afbreken van de samenwerking met enkele buurgemeenten.
Wij vragen het college met klem om met betrekking tot het onderwerp clientenparticipatie tijdsdruk niet de dominante factor te laten zijn, maar vast te houden aan de weg van geleidelijkheid en zorgvuldigheid.
Dan de voorliggende concept Verordening
voorzieningen WMO.
Onze fractie heeft het concept vergeleken met de model Verordening van de Vereniging Nederlandse Gemeenten. Wij kunnen ons in grote lijnen vinden in het door u aangeboden concept. Wij hebben evenwel drie technisch inhoudelijke vragen.
Artikel 1Begripsbepalingen.
Dit artikel beschrijft in:
Letter 1h: een voorziening
Letter 1i: een algemene voorziening
Letter 1j: een individuele voorziening, en
Letter 1m: een voorziening in natura (en als onderdeel hiervan: persoonlijke dienstverlening).
Wij hebben moeite met het in samenhang kunnen lezen en interpreteren van deze verschillende omschrijvingen. Wij kunnen ons derhalve voorstellen dat individuele burgers en hun vertegenwoordigers diezelfde gevoelens hebben. Wij verzoeken het college om nog eens kritisch naar deze begripsomschrijvingen te kijken.
Artikel 6 Financiele tegemoetkoming.
Dit geeft de mogelijkheid om aan het verstrekken van een tegemoetkoming voorschriften en beperkingen te verbinden. Als je dit artikel letterlijk leest, dan geeft dat ook de ruimte om een financiele tegemoetkoming te verstrekken, zonder daar een voorschrift of een beperking aan te verbinden. Onze fractie is van mening dat aan het verstrekken van een financiele tegemoetkoming altijd tenminste een procedure of een voorschrift aan ten grondslag moet liggen. Daarmee wordt een dergelijke beslissing toetsbaar en dus controleerbaar.
Artikel 41 Geldigheidsduur huidige indicaties
Artikel 41 lid 3 WMO, alsmede de aanbiedingsbrief bij de concept Verordening geven aan dat er sprake is van een overgangsrecht van 1 jaar. Het concept geeft hierop een aanvulling indicaties blijven doorlopen totdat er een herindicatie heeft plaatsgevonden, ook na het verlopen van het overgangsjaar.
Wij begrijpen deze aanvulling, maar vragen ons af of hierdoor een situatie kan ontstaan die strijdig is met de tekst en de bedoeling van de wet.
Dank u wel.
Sip van der Weg